Algemeen
Deze naaktslak heeft een gladde bovenkant met op het achterste gedeelte een
kieuwkrans bestaand uit 5 tot 6 drievoudige gevederde lobben. De rhinoforen
zijn knotvormig met een lamellenstructuur. De golvende
mantelrand is voorzien van een gele rand. Ze voeden zich met sappen die ze uit
sponzen zuigen.
Afmetingen
Volgens de boeken wordt dit diertje rond 70 mm groot. De exemplaren die wij
zagen hadden echter een grootte tussen de 100 mm en 120 mm.
Kleur
Deze naaktslak kan zeer variabel
van kleur maar is het meestal donker groen tot bijna zwart met
een onregelmatig lichtkleurig vlekkenpatroon.
Habitat
Ze leven vanaf het ondiepe water tot op zo'n 10 meter diepte, op rotsen en
stenen.
Verspreiding
De gehele Middellandse zee en de aangrenzende Atlantische kusten.