Algemeen
Deze kolonievormende zakpijp is in Oosterschelde voor het eerst waargenomen in 1977. Pas in 1988 werd hij voor het eerst in de Grevelingen waargenomen. Zijn vrij ronde vorm voelt glad aan en lijkt uiterlijk op een sponsachtige massa. De kolonie bestaat uit allemaal kleine individuen (ook wel zoïden genaamd) die onregelmatig naast elkaar gerangschikt zitten. Hun voedsel filteren ze uit het water. Via een instroomopeningen komt water het lichaam binnen en het gefilterde water verlaat het door de uitstroomopening. Bij veel kolonievormende zakpijpen delen de individuen samen één uitstroomopening. Bij deze kolonievormende zakpijp hebben de individuen een eigen in en uitstroom opening.

Afmetingen
De kolonies bereiken een doorsnede van zo'n 100 mm en tot 30 mm hoog.

Kleur
Halfdoorschijnend blauwig wit tot geelroze.

Habitat
Op stevige ondergrond.

Verspreiding
Komt voor in de Oosterschelde en de Grevelingen, maar de trefkans is groter in de Grevelingen.

Terug