Algemeen
De zakpijp begint zijn leven zoals vele andere dieren, als larve uitgezet in het vrije water. In deze fase heeft het diertje buiten een hersenblaasje en een zenuwstelsel en ook een soort ruggenmerg (neurale buis). Dit stadium is echter maar van zeer korte duur en enkel bedoeld om zich te verspreiden. Eenmaal bodem onder de voet of liever gezegd op de kop, want zakpijpen leven eigenlijk onderste boven, verdwijnen hersenblaasje, zenuwstelsel en het zogenaamde ruggenmerg en blijven de meeste zakpijpen hun leven lang vastgehecht op diezelfde plek zitten. Zo zijn er larven die op drijvende voorwerpen in de zee vast komen te zitten of op scheepsrompen en dat draagt natuurlijk bij, dat vele soorten zakpijpen wereldwijd voorkomen.

Afmetingen
Een lengte van zo'n 120 mm kunnen ze bereiken.

Kleur
Bijna helemaal doorschijnend tot melkwit met een opvallende gele tot oranje rand rondom de in- en uitstroomopening.

Habitat
De doorschijnende zakpijp kan goed lage zoutgehaltes verdragen en komt meestal massaal voor in haven bekkens.

Verspreiding
Zeer algemeen in de Zeeuwse zout- en brakwateren.

Terug